ECLI:NL:HR:2025:1303

Hoge Raad

Datum uitspraak
16 september 2025
Publicatiedatum
12 september 2025
Zaaknummer
23/03707
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 311.1.4 SrArt. 311.1.5 SrArt. 81 lid 1 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
4 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatie in zaak medeplegen diefstal met braak

De verdachte werd door het gerechtshof 's-Hertogenbosch veroordeeld voor medeplegen van diefstal met braak, waarbij in eerste aanleg vrijspraak was uitgesproken. Het hof legde een taakstraf van 200 uur op, subsidiair 100 dagen hechtenis, en kende een schadevergoedingsmaatregel toe aan de benadeelde partij.

In cassatie stelde de verdachte meerdere klachten aan de orde, onder meer over de strafmotivering en de toewijzing van schadevergoeding voor meerdere tassen terwijl slechts één tas was bewezen gestolen. De advocaat-generaal adviseerde het cassatieberoep te verwerpen.

De Hoge Raad oordeelde dat de klachten niet tot vernietiging van het hofarrest konden leiden en dat het niet nodig was om inhoudelijk op de vragen in te gaan, omdat deze niet van belang waren voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. Het cassatieberoep werd derhalve verworpen.

Het arrest werd uitgesproken door de vice-president Borgers en raadsheren Van Strien en Caminada op 16 september 2025, waarbij tevens de waarnemend griffier Bakker aanwezig was.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de straf en schadevergoedingsmaatregel opgelegd door het hof.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer23/03707
Datum16 september 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 22 september 2023, nummer 20-002918-19, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze hebben de advocaten R.J. Baumgardt en M.J. van Berlo bij schriftuur cassatiemiddelen voorgesteld.
De advocaat-generaal V.M.A. Sinnige heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.

2.Beoordeling van de cassatiemiddelen

De Hoge Raad heeft de klachten over de uitspraak van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die uitspraak. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier S.P. Bakker, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
16 september 2025.