ECLI:NL:HR:2025:143
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden. De griffier heeft belanghebbende bij aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van griffierecht en een betalingstermijn van vier weken gesteld. Deze brief is afgeleverd op het opgegeven adres, maar het griffierecht is niet betaald.
De griffier van de Hoge Raad heeft vervolgens belanghebbende via het digitale dossier en per e-mail in de gelegenheid gesteld om te verklaren waarom het griffierecht niet was voldaan. Belanghebbende heeft geen gebruik gemaakt van deze mogelijkheid.
Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb verklaart de Hoge Raad het beroep in cassatie niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding tot veroordeling in proceskosten. Het arrest is uitgesproken op 31 januari 2025 door de raadsheren Boerlage, van der Voort Maarschalk en van Roij.
Uitkomst: Het beroep in cassatie is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet betaling van het griffierecht.