ECLI:NL:HR:2025:1476
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen een uitspraak, maar heeft het griffierecht niet voldaan ondanks een schriftelijke aanmaning en een termijn van vier weken om dit te doen. De griffier van de Hoge Raad heeft belanghebbende op 1 mei 2025 per aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en de betalingstermijn.
Op 3 juni 2025 is belanghebbende via het digitale dossier en e-mail in de gelegenheid gesteld om een verklaring te geven voor het niet betalen van het griffierecht, maar hier is geen gebruik van gemaakt. Op grond van artikel 8:41, lid 6, Awb is het beroep in cassatie daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om proceskosten toe te wijzen en heeft het arrest op 3 oktober 2025 in het openbaar uitgesproken. De uitspraak bevestigt het belang van tijdige betaling van griffierechten voor de ontvankelijkheid van cassatieberoepen.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.