ECLI:NL:HR:2025:1481
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake inkomstenbelasting 2017
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 6 december 2023, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2017, de boetebeschikking en de beschikking inzake belastingrente heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de ingediende klachten beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en heeft het beroep in cassatie ongegrond verklaard. Het arrest is op 3 oktober 2025 in het openbaar gewezen door de raadsheren Feteris, Boerlage en Van der Voort Maarschalk.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof wordt bekrachtigd.