ECLI:NL:HR:2025:1591
Hoge Raad
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Beslissing Hoge Raad over wrakingsverzoeken in belastingzaak
Verzoeker heeft in een belastingzaak beroep in cassatie ingesteld en vervolgens meerdere wrakingsverzoeken ingediend tegen leden van de Hoge Raad en de wrakingskamer. Het eerste verzoek tot wraking werd ingediend na de uitspraak en is daarom niet-ontvankelijk verklaard omdat de wet geen wraking na uitspraak toestaat.
Het tweede wrakingsverzoek voldeed niet aan de motiveringseis van artikel 8:16 Awb Pro, omdat het geen feiten of omstandigheden bevatte waaruit een objectief gerechtvaardigde vrees voor rechterlijke partijdigheid kon worden afgeleid. Dit verzoek is daarom buiten behandeling gesteld.
De Hoge Raad heeft tevens bepaald dat toekomstige wrakingsverzoeken van verzoeker in deze zaak niet in behandeling zullen worden genomen, gelet op de inhoud en het aantal eerdere verzoeken. De beslissing is genomen door de vierde kamer van de Hoge Raad en in het openbaar uitgesproken op 17 oktober 2025.
Uitkomst: Het eerste wrakingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard, het tweede verzoek buiten behandeling gesteld en toekomstige verzoeken worden niet in behandeling genomen.