ECLI:NL:HR:2025:1771

Hoge Raad

Datum uitspraak
25 november 2025
Publicatiedatum
21 november 2025
Zaaknummer
24/02394
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging en terugwijzing wegens onvoldoende motivering schatting wederrechtelijk verkregen voordeel bij witwassen

In deze zaak heeft de Hoge Raad het beroep in cassatie behandeld tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 juni 2024, waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel was toegewezen aan betrokkene. De betrokkene stelde dat de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel, gebaseerd op de baten van het bewezenverklaarde witwassen, onvoldoende was gemotiveerd.

De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest en terugwijzing van de zaak naar het hof voor hernieuwde berechting. De Hoge Raad volgde deze conclusie en oordeelde dat het cassatiemiddel slaagt omdat het hof niet voldoende heeft gemotiveerd waarom de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel toereikend was.

Het arrest van de Hoge Raad van 25 november 2025 vernietigt het bestreden arrest en wijst de zaak terug naar het gerechtshof 's-Hertogenbosch, zodat het hof de zaak opnieuw kan beoordelen en afdoen. Hiermee wordt het belang van een deugdelijke motivering bij de schatting van wederrechtelijk verkregen voordeel in witwaszaken benadrukt.

Uitkomst: Het arrest van het gerechtshof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor hernieuwde berechting wegens onvoldoende motivering van de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer24/02394 P
Datum25 november 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een uitspraak van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 20 juni 2024, nummer 20-001215-21, op een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel ten laste
van
[betrokkene] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
hierna: de betrokkene.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de betrokkene. Namens deze hebben de advocaten N. van Schaik en H. Brentjes bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.C. Aben heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, teneinde in zoverre opnieuw te worden berecht en afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt dat de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel door middel van of uit de baten van het in de strafzaak bewezenverklaarde (gewoonte)witwassen, ontoereikend is gemotiveerd.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de advocaat-generaal.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en T.B. Trotman, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
25 november 2025.