ECLI:NL:HR:2025:188
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake onroerendezaakbelasting gemeente Lingewaard
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 26 maart 2024, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Gelderland betreffende een beschikking op grond van de Wet waardering onroerende zaken en een aanslag onroerendezaakbelasting van de gemeente Lingewaard voor het jaar 2019 heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende tegen het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van de uitspraak. De Hoge Raad achtte het niet nodig om de motivering van dit oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaarde het cassatieberoep van belanghebbende ongegrond. Het arrest is uitgesproken op 7 februari 2025 door de Hoge Raad der Nederlanden, belastingkamer.
Uitkomst: Het beroep in cassatie van belanghebbende wordt ongegrond verklaard.