Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de cassatiemiddelen
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
16 december 2025.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van verdachte tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch inzake medeplegen van voorbereidingshandelingen met betrekking tot grootschalige hennepteelt. De verdediging voerde onder meer verweren aan tot niet-ontvankelijkverklaring en bewijsuitsluiting vanwege vernietiging van administratie.
De Hoge Raad beoordeelde de klachten en oordeelde dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad hoefde dit niet nader te motiveren omdat de klachten geen belang hebben voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.
Wel constateerde de Hoge Raad dat de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 EVRM Pro was overschreden, aangezien meer dan twee jaar waren verstreken sinds het instellen van het cassatieberoep. Dit leidde tot vermindering van de opgelegde taakstraf van 100 uren naar 95 uren, en subsidiair van 50 dagen hechtenis naar 47 dagen.
De Hoge Raad vernietigde daarom het hofarrest uitsluitend wat betreft de duur van de taakstraf en vervangende hechtenis, en verwierp het beroep voor het overige. De uitspraak werd gedaan door de vice-president Borgers en raadsheren Kuijer en Trotman op 16 december 2025.
Uitkomst: De taakstraf wordt verminderd tot 95 uren, subsidiair 47 dagen hechtenis, vanwege overschrijding van de redelijke termijn.