ECLI:NL:HR:2025:390

Hoge Raad

Datum uitspraak
18 maart 2025
Publicatiedatum
13 maart 2025
Zaaknummer
22/04044
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 7 WVW 1994Art. 408 lid 1 sub a Sv
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens termijnoverschrijding zonder motivering

In deze strafzaak heeft het gerechtshof Amsterdam de verdachte niet-ontvankelijk verklaard in haar hoger beroep omdat dit te laat was ingesteld. De verdediging voerde aan dat sprake was van een verontschuldigbare termijnoverschrijding vanwege de psychische gesteldheid van de verdachte, onderbouwd met een brief van een neuroloog. Het hof heeft dit verweer echter verworpen zonder een uitdrukkelijke en gemotiveerde beslissing te geven.

De Hoge Raad oordeelt dat het hof had moeten motiveren waarom het verweer van verontschuldigbare termijnoverschrijding werd verworpen, mede omdat de brief van de neuroloog, hoewel niet in het dossier opgenomen, wel is overgelegd en daarmee objectieve informatie bevatte. Het ontbreken van een nadere motivering maakt het oordeel van het hof onbegrijpelijk.

Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest van het hof en wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam voor een nieuwe beoordeling en afdoening van de zaak. De uitspraak is gedaan op 18 maart 2025 door de Strafkamer van de Hoge Raad.

Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling wegens ontbrekende motivering over verontschuldigbare termijnoverschrijding.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer22/04044
Datum18 maart 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Amsterdam van 18 oktober 2022, nummer 23-000941-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1995,
hierna: de verdachte.

1.Procesverloop in cassatie

Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft R. Pothast, advocaat in Amsterdam, bij schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De plaatsvervangend advocaat-generaal M.E. van Wees heeft geconcludeerd tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt afgedaan.

2.Beoordeling van het cassatiemiddel

2.1
Het cassatiemiddel klaagt over het oordeel van het hof dat de verdachte niet-ontvankelijk is in het hoger beroep.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in de conclusie van de plaatsvervangend advocaat-generaal onder 2.2 tot en met 2.9.

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren M. Kuijer en C. Caminada, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van
18 maart 2025.