ECLI:NL:HR:2025:45
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond inzake belastingaanslagen 2015 en 2017
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Amsterdam van 16 juli 2024, waarin de hoger beroepen van belanghebbende tegen uitspraken van de Rechtbank Noord-Holland over de belastingaanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor de jaren 2015 en 2017 zijn behandeld.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft dit oordeel zonder nadere motivering gegeven, omdat de klachten geen vragen opriepen die van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen en verklaart het beroep in cassatie ongegrond. Het arrest is uitgesproken op 10 januari 2025 door de raadsheren Feteris, van der Voort Maarschalk en van Roij.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het Gerechtshof Amsterdam bevestigd.