Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
4.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
5.Beslissing
1 april 2025.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van de verdachte tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin hij werd veroordeeld voor mishandeling en tevens werd veroordeeld tot betaling van proceskosten aan de benadeelde partij, waaronder reiskosten naar diens advocaat-gemachtigde.
De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het arrest uitsluitend voor het onderdeel van de proceskosten ter hoogte van €10,92, omdat het wettelijke stelsel geen vergoeding van reiskosten van de benadeelde partij toestaat indien deze met een gemachtigde procedeert. De Hoge Raad volgt deze conclusie en wijst de gevorderde kosten af.
Daarnaast oordeelt de Hoge Raad dat de redelijke termijn voor de behandeling van het cassatieberoep is overschreden, maar ziet geen aanleiding voor een ander rechtsgevolg gezien de opgelegde taakstraf van zestig uren.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof voor zover het de proceskosten betreft, wijst deze kosten af en verwerpt het beroep voor het overige, waarmee de veroordeling in het strafbare feit blijft gehandhaafd.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt de proceskostenveroordeling voor reiskosten en wijst deze kosten af, het overige beroep wordt verworpen.