ECLI:NL:HR:2025:597
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad verklaart beroep in cassatie ongegrond in belastingzaak over aanslag 2014
Belanghebbende heeft beroep in cassatie ingesteld tegen het arrest van het Gerechtshof Den Haag van 19 januari 2023, waarin het hof het hoger beroep van belanghebbende tegen een uitspraak van de Rechtbank Den Haag inzake de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2014 en de daarbij gegeven beschikking inzake belastingrente heeft behandeld.
De Hoge Raad heeft de klachten van belanghebbende beoordeeld maar geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het hofarrest. De Hoge Raad heeft dit zonder nadere motivering beslist, omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81, lid 1, van de Wet op de rechterlijke organisatie.
Verder heeft de Hoge Raad geen aanleiding gezien om proceskosten toe te wijzen. Het arrest is op 17 april 2025 in het openbaar gewezen door de vice-president en twee raadsheren van de Hoge Raad.
De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie ongegrond, waarmee de uitspraak van het hof in stand blijft.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard en het arrest van het hof blijft in stand.