Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen
4.Beslissing
22 april 2025.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep van een verdachte die werd veroordeeld voor medeplegen van wederspannigheid tijdens een boerenprotest nabij de woning van de toenmalige minister voor Natuur en Stikstof. Het hof Arnhem-Leeuwarden had de verdachte schuldig bevonden op grond van de artikelen 180 juncto 182 lid 1 van het Wetboek van Strafrecht.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en het middel dat zich richtte tegen het oordeel over de wederspannigheid verworpen. De bewezenverklaring en bewijsvoering, zoals weergegeven in de conclusie van de advocaat-generaal, werden als voldoende onderbouwd beschouwd. De Hoge Raad verwees naar een samenhangende zaak (ECLI:NL:HR:2025:646) waarin dezelfde rechtsvraag werd behandeld.
Andere cassatiemiddelen werden eveneens verworpen zonder nadere motivering, omdat beantwoording daarvan niet noodzakelijk was voor de rechtsontwikkeling. De Hoge Raad bevestigde daarmee het oordeel van het hof en verwierp het beroep in cassatie, waarmee de veroordeling van de verdachte definitief bleef staan.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor medeplegen wederspannigheid blijft in stand.