Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van de cassatiemiddelen voor het overige
4.Beslissing
3 juni 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een jeugdige verdachte die werd verdacht van medeplegen van poging tot opzettelijke brandstichting door het plaatsen van een explosief in een portiek. In eerste aanleg werd de verdachte vrijgesproken, maar het hof verklaarde hem schuldig aan medeplegen van poging tot opzettelijke brandstichting met gemeen gevaar voor goederen en levensgevaar voor personen in de woning en aangrenzende woningen.
De verdachte was op het moment van het delict nog geen zestien jaar oud, waardoor de maximale straf volgens artikel 77i Sr beperkt is tot twaalf maanden jeugddetentie. Het hof maakte geen keuze tussen de alternatieve kwalificaties van het delict, maar dit werd geaccepteerd omdat beide alternatieven dezelfde maximale straf bedreigen.
De Hoge Raad oordeelde dat de alternatieve bewezenverklaring toelaatbaar is onder deze omstandigheden en verwierp het cassatieberoep. De motivering van het hof dat de verdachte een bijdrage van voldoende gewicht heeft geleverd en dat levensgevaar aanwezig was bij ontploffing werd als voldoende beschouwd. Het beroep werd derhalve verworpen.
Uitkomst: Hoge Raad verwerpt cassatie en bevestigt medeplegen poging tot opzettelijke brandstichting met maximale jeugddetentie van twaalf maanden.