Uitspraak
1.Procesverloop
De zaak is voor [de verhuurder] toegelicht door haar advocaat en door E.W.T. Kerckhoffs.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
6 juni 2025.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een geschil tussen een huurder die een kapsalon exploiteert in een woonzorgcentrum en de verhuurder van deze ruimte. De kern van het geschil is of de gehuurde ruimte kwalificeert als een voor het publiek toegankelijke bedrijfsruimte in de zin van artikel 7:290 BW Pro.
De rechtbank Noord-Holland en het gerechtshof Amsterdam hebben eerder geoordeeld dat de ruimte niet als zodanig kan worden aangemerkt. De huurder stelde tegen het arrest van het hof beroep in cassatie in bij de Hoge Raad.
De Hoge Raad heeft de klachten van de huurder beoordeeld maar oordeelt dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad ziet geen noodzaak tot nadere motivering omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en veroordeelt de huurder in de kosten van het cassatiegeding. Hiermee blijft het oordeel van het hof dat de kapsalon geen publiek toegankelijke bedrijfsruimte is, ongewijzigd.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de huurder wordt verworpen en het arrest van het hof bevestigd.