Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:1045

Hoge Raad

Datum uitspraak
26 juni 2026
Publicatiedatum
25 juni 2026
Zaaknummer
26/00039
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 2.3 lid 1 WfzArt. 6:5 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen zorgmachtiging op grond van Wvggz

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen de beschikking van de rechtbank Amsterdam van 8 oktober 2025, waarin een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) werd bevestigd. De rechtbank had geoordeeld dat de medische verklaring voldoende actueel was en dat uit de update van de behandelend psychiater en hetgeen op de zitting naar voren kwam, bleek dat de situatie van betrokkene niet ten positieve was veranderd.

De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking. Daarbij is overwogen dat het niet noodzakelijk is om te oordelen over de vraag of actualisering van de medische verklaring bij ontbreken van een actuele verklaring slechts mogelijk is door een onafhankelijke psychiater, omdat dit niet van belang is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht.

De advocaat-generaal had geadviseerd het cassatieberoep te verwerpen, en de Hoge Raad heeft dit advies gevolgd. De beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons en in het openbaar uitgesproken door F.R. Salomons op 26 juni 2026.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de beschikking van de rechtbank Amsterdam blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer26/00039
Datum26 juni 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: E.F.A. Linssen-van Rossum,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT AMSTERDAM,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de beschikking in de zaak 25/7518 van de rechtbank Amsterdam van 8 oktober 2025.
Betrokkene heeft tegen de beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van betrokkene heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren C.E. du Perron, als voorzitter, A.E.B. ter Heide en F.R. Salomons, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.R. Salomons op
26 juni 2026.