Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
De feiten
3.Beoordeling van de overige cassatiemiddelen
4.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
5.Beslissing
7 juli 2026.
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over de aanwezigheid van XTC-pillen, MDMA en GHB en voorbereidingshandelingen voor productie van MDMA. De verdachte werd in eerste aanleg vrijgesproken, maar in hoger beroep veroordeeld.
De kern van het geschil betrof de rechtmatigheid van het binnentreden door een ambtenaar van Bouwtoezicht tijdens een integrale controle, waarbij politie en andere instanties betrokken waren. De verdediging stelde dat sprake was van onrechtmatig overheidsoptreden en bewijsuitsluiting moest volgen omdat bestuursrechtelijke bevoegdheden werden misbruikt voor strafvorderlijke doeleinden.
Het hof oordeelde dat het optreden van de gemeentelijke autoriteiten rechtmatig was, omdat de controle gericht was op naleving bestemmingsplan en bestrijding van illegale en brandgevaarlijke situaties. De Hoge Raad bevestigt dit oordeel en wijst het cassatiemiddel af. Wel wordt de opgelegde gevangenisstraf verminderd vanwege overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: De Hoge Raad bevestigt de rechtmatigheid van de integrale controle en vermindert de gevangenisstraf tot negen maanden en drie weken wegens termijnoverschrijding.