Uitspraak
1.Procesverloop
2.Beoordeling van de middelen in het principale en in het incidentele beroep
3.Beslissing
10 juli 2026.
Hoge Raad
In deze zaak stonden HP en haar dochterondernemingen tegenover Digital Revolution en haar gelieerde ondernemingen in een geschil over de verkoop van inktcartridges zonder de originele buitenverpakking, waarbij sprake was van misleidende handelspraktijken en merkenrechtelijke kwesties.
De procedure begon bij de rechtbank Den Haag, gevolgd door een arrest van het gerechtshof Den Haag. HP stelde beroep in cassatie in tegen het arrest van het hof, terwijl Digital Revolution incidenteel cassatieberoep instelde. Beide partijen concludeerden tot verwerping van elkaars beroep.
De Advocaat-Generaal adviseerde de Hoge Raad om zowel het principale als het incidentele cassatieberoep te verwerpen met toepassing van artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie, omdat de klachten niet leiden tot vernietiging van het hofarrest en geen vragen van belang voor de rechtsontwikkeling bevatten.
De Hoge Raad volgde dit advies en wees het cassatieberoep van HP en het incidentele cassatieberoep van Digital Revolution af. Tevens werden de proceskosten aan beide zijden toegewezen conform de indicatietarieven voor intellectueel eigendomszaken.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het principale en incidentele cassatieberoep en veroordeelt partijen in de proceskosten.