Uitspraak
1.Procesverloop
2.Uitgangspunten en feiten
Bruidsprijs en handtekening van de echtgenoten:
1. Een geschenk bestaande uit een koran, een spiegel met kandelaars, een rol termeh-stof, in totaal ter waarde van vijf miljoen en driehonderd rial;
2. Mahr al-soenna ten bedrage van tweehonderdtweeënzestig rial en half;
3. Een set gouden sieraden van 10/tien mithqal;
4. Achthonderd stuks volle Bahar-e Azadi gouden munten;
5. De kosten van een bedevaart naar Mekka en de graftombes van sjiitische heiligen in Irak, ten bedrage van negentien miljoen rial;
6. De prijs van 3 dang van een woning, ten bedrage van vierhonderd miljoen rial;
7. Een contante som voor de bruidsprijs ten bedrage van tweehonderd miljoen rial die echtgenoot volgens de sharia verschuldigd is en aan zijn echtgenote dient te betalen op het ieder moment dat zij ze opeist.
(...)
(...)
B. Verder verleent echtgenoot aan echtgenote de bevoegdheid met het recht van substitutie om in onderstaande gevallen naar de rechtbank te stappen voor een echtscheidingsvergunning en na het kiezen van de soort echtscheiding ook een echtscheiding aan te vragen. Dat geldt ook wanneer echtgenote afstand doet van haar bruidsprijs waardoor echtgenoot akkoord gaat met een echtscheiding.
(…)
1. Indien echtgenoot om welke reden dan ook weigert gedurende zes maanden het onderhoudsgeld te betalen, en zij niet in de mogelijkheid verkeert hem daartoe te verplichten. Eveneens is dit van toepassing indien de man overige basisrechten van de vrouw gedurende zes maanden schendt en zij niet in de mogelijkheid verkeert hem hiertoe te verplichten.
2. Indien het wangedrag en de manier van omgang van echtgenoot het samenleven met hem voor echtgenote ondraaglijk maakt.
(...)
8. Indien echtgenoot het gezin gedurende een periode van meer dan zes maanden en zonder geldige reden verlaat.
(...)
12. Indien echtgenoot zonder instemming van de eerste echtgenote een tweede huwelijk aangaat, of indien echtgenoot volgens het oordeel van de rechtbank niet rechtvaardig is ten aanzien van zijn echtgenoten.
(…)”
the husband’s disappearance for a period of at least four years without any sign of life’ (art. 1029 Iraans Pro BW); ‘
the husband’s refusal to pay maintenance and the impossibility to force him to do so’ (art. 1129 Iraans Pro BW); ‘
the husband’s breach of any other marital duties and the impossibility to have him observe them’ (art. 1130 Iraans Pro BW). In de huwelijksakte hebben partijen (aanvullende) echtscheidingsgronden opgenomen. (rov. 3.6)
khulechtscheiding in de zin van art. 1146 Iraans Pro BW. In geval van een
khulechtscheiding zal de vrouw aan haar echtgenoot een vergoeding aanbieden in ruil voor zijn toestemming om te kunnen scheiden. De compensatie bestaat meestal uit de kwijtschelding van het onbetaalde deel van de bruidsgave, alsook uit elke andere vorm van compensatie. (rov. 3.7)
dislike of her husband’ (art. 1146 Iraans Pro BW), zodat sprake is van een
khulechtscheiding. Hieruit volgt dat de vrouw op grond van het Iraans BW niet zonder meer recht heeft op uitkering van de bruidsgave, maar dat zij op grond van Iraans recht de man compenseert, welke compensatie kan bestaan uit kwijtschelding van de door de man voor of tijdens het huwelijk niet betaalde bruidsgave of een andere vorm van compensatie. (rov. 3.9)
3.Beoordeling van het middel
khulechtscheiding – in dit geval door kwijtschelding van de door de man voor of tijdens het huwelijk niet betaalde bruidsgave – niet in strijd is met de Nederlandse openbare orde in de zin van art. 10:6 BW Pro.
4.Beslissing
17 juli 2026.