Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
6 januari 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De zaak betreft een cassatieberoep tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden waarin de verdachte werd veroordeeld voor medeplegen van het opzettelijk aanwezig hebben van harddrugs, productie en handel daarin, en witwassen van de opbrengsten.
De advocaat-generaal concludeerde tot vernietiging van het hofarrest uitsluitend voor wat betreft de strafmaat, met vermindering van de gevangenisstraf, en verwerping van het beroep voor het overige. De Hoge Raad oordeelde dat de overige klachten niet tot vernietiging konden leiden en hoefde deze niet nader te motiveren.
Vanwege een overschrijding van de redelijke termijn zoals bedoeld in artikel 6 lid 1 EVRM Pro, werd ambtshalve de straf verminderd met zes maanden en twee maanden, waardoor de gevangenisstraf werd teruggebracht van zes jaar en twee maanden naar vijf jaar en elf maanden.
De Hoge Raad vernietigde het hofarrest uitsluitend voor de strafmaat en verwierp het beroep voor het overige, waarmee de strafvermindering definitief werd vastgesteld.
Uitkomst: De gevangenisstraf wordt verminderd van zes jaar en twee maanden naar vijf jaar en elf maanden wegens overschrijding van de redelijke termijn.