Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:238

Hoge Raad

Datum uitspraak
13 februari 2026
Publicatiedatum
12 februari 2026
Zaaknummer
25/00227
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad vernietigt arrest over vrijwaringsvordering notarissen en verwijst zaak door

De zaak betreft een vrijwaringsvordering van notarissen tegen kopers in verband met een geschil over de uitleg van een winstrechtbepaling in een notariële akte. De verkoper en kopers hadden afspraken gemaakt over de verkoop van een participatie in een commanditaire vennootschap die eigenaar was van twee panden. De notarissen hadden de notariële overdracht verzorgd en de winstrechtbepaling opgenomen.

Na verkoop van een van de panden ontstond een geschil over de uitleg van het winstrecht, waarna de verkoper en kopers een schikking troffen. De verkoper vorderde vervolgens schadevergoeding van de notarissen wegens schending van hun zorgplicht. De notarissen riepen de kopers in vrijwaring op, stellende dat de kopers onrechtmatig hadden gehandeld en ongerechtvaardigd waren verrijkt.

De rechtbank wees de vorderingen van de notarissen in de vrijwaringszaak af, maar het hof bekrachtigde dit vonnis. De notarissen stelden cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof in de vrijwaringszaak omdat het arrest in de hoofdzaak eveneens is vernietigd en verwijst de zaak door naar het gerechtshof Den Haag voor verdere behandeling.

De kopers worden veroordeeld in de kosten van het cassatiegeding. De uitspraak benadrukt de samenhang tussen de hoofdzaak over beroepsaansprakelijkheid van notarissen en de vrijwaringszaak tussen notarissen en kopers.

Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak door naar het gerechtshof Den Haag voor verdere behandeling.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/00227
Datum13 februari 2026
ARREST
In de zaak van
1. [notaris 1] ,
wonende te [woonplaats] ,
2. [notaris 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
EISERS tot cassatie,
hierna: de notarissen,
advocaat: M.W. Scheltema,
tegen
1. JARDINERS III B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. HARVEST VASTGOED VI B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
3. FAIR DINKUM INVESTMENTS B.V.,
gevestigd te Rotterdam,
VERWEERSTERS in cassatie,
hierna: de kopers,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaken C/13/698093 / HA ZA 21-210 en C/13/702952 / HA ZA 21-533 van de rechtbank Amsterdam van 28 april 2021, 27 oktober 2021, 23 februari 2022 en 20 april 2022;
b. de arresten in de zaken 200.311.982/01 en 200.311.983/01 van het gerechtshof Amsterdam van 14 maart 2023 en 24 september 2024.
De notarissen hebben tegen het arrest van het hof van 24 september 2024 beroep in cassatie ingesteld.
Tegen de kopers is verstek verleend.
De zaak is voor de notarissen toegelicht door hun advocaat.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot vernietiging van het bestreden arrest en tot verwijzing.

2.Uitgangspunten en feiten

2.1
In cassatie kan worden uitgegaan van de feiten en omstandigheden vermeld in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 1.2-1.33. Deze komen, kort samengevat, op het volgende neer.
(i) [de verkoper] (hierna: de verkoper) en de kopers hebben afspraken gemaakt over de verkoop van de participatie van de verkoper in een commanditaire vennootschap. Deze commanditaire vennootschap was eigenaar van twee panden aan de [a-straat] in [plaats] . Onderdeel van die afspraken was dat de verkoper een winstrecht toekwam als het onroerend goed op een later moment zou worden verkocht (hierna: de winstrechtbepaling).
(ii) De kopers hebben de notarissen geïnstrueerd om voor de notariële overdracht van de participatie zorg te dragen. In de notariële akte is ook de winstrechtbepaling opgenomen.
(iii) Enige tijd na de overdracht van de participatie is een van beide panden verkocht en ontstond een geschil tussen de verkoper en de kopers over de uitleg van de winstrechtbepaling. De kopers stelden zich op het standpunt dat het winstrecht alleen gold bij verkoop van beide panden, terwijl de verkoper meende dat dit ook gold bij verkoop van een van beide panden.
(iv) De verkoper en de kopers hebben een schikking getroffen op grond waarvan een bedrag aan de verkoper is betaald.
2.2
De hoofdzaak, waarin de Hoge Raad vandaag eveneens uitspraak doet, ziet op het verwijt van de verkoper dat de notarissen hun zorgplicht jegens hem hebben geschonden bij het redigeren van de winstrechtbepaling in de notariële akte. In die hoofdzaak vordert de verkoper van de notarissen vergoeding van zijn schade als gevolg van het niet volledig kunnen incasseren van het winstrecht.
2.3
In deze vrijwaringszaak hebben de notarissen de kopers in vrijwaring opgeroepen. De notarissen betogen – kort gezegd – dat de kopers onrechtmatig hebben gehandeld en, indien de notarissen tot betaling van schadevergoeding worden veroordeeld, ongerechtvaardigd worden verrijkt ten koste van de notarissen.
2.4
In de hoofdzaak heeft de rechtbank de vorderingen van de verkoper toegewezen. In de vrijwaringszaak heeft de rechtbank [1] de vorderingen van de notarissen afgewezen.
2.5
In hoger beroep heeft het hof [2] in de hoofdzaak het vonnis van de rechtbank vernietigd en de vorderingen van de verkoper afgewezen, en in de vrijwaringszaak het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. De beslissing van het hof in de vrijwaringszaak berust erop dat de notarissen in de hoofdzaak niet zijn veroordeeld tot vergoeding van de door de verkoper gestelde schade, waarmee de grondslag voor de vordering van de notarissen op de kopers is komen te ontvallen (rov. 5.16).

3.Beoordeling van het middel

3.1
Het middel klaagt dat de beslissing van het hof in de vrijwaringszaak niet in stand kan blijven indien het cassatieberoep van de verkoper in de hoofdzaak slaagt.
3.2
De Hoge Raad heeft bij arrest van vandaag het arrest van het hof in de hoofdzaak vernietigd en de hoofdzaak ter verdere behandeling en beslissing verwezen naar het gerechtshof Den Haag. [3] Dit brengt mee dat ook het arrest van het hof in de vrijwaringszaak niet in stand kan blijven. Het middel is dus gegrond.

4.Beslissing

De Hoge Raad:
- vernietigt het arrest van het gerechtshof Amsterdam van 24 september 2024;
- verwijst het geding naar het gerechtshof Den Haag ter verdere behandeling en beslissing;
- veroordeelt de kopers in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de notarissen begroot op € 2.698,47 aan verschotten en € 2.600,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien de kopers deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren C.E. du Perron, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
13 februari 2026.

Voetnoten

1.Rechtbank Amsterdam 20 april 2022, ECLI:NL:RBAMS:2022:2212.
2.Gerechtshof Amsterdam 24 september 2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:2676.
3.HR 13 februari 2026, ECLI:NL:HR:2026:225.