Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het eerste cassatiemiddel
3.Beoordeling van het tweede cassatiemiddel
4.Beslissing
17 maart 2026.
Hoge Raad
In deze zaak gaat het om een beschikking van de rechtbank Midden-Nederland waarbij een klaagschrift van de klager werd gegrond verklaard en de teruggave van een inbeslaggenomen auto werd gelast. De auto was voorzien van een apparaat dat de werking van de kilometerstand beïnvloedt, een zogenoemde kilometerblokker. De officier van justitie had aangegeven de klager niet te vervolgen voor het aanwezig hebben van dit apparaat.
De rechtbank oordeelde dat de vordering tot onttrekking aan het verkeer van de auto moest worden afgewezen omdat de auto niet van zodanige aard was dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd was met de wet of het algemeen belang. Hierdoor was er geen belang meer bij het voortduren van het beslag.
De Hoge Raad heeft in een samenhangende zaak geoordeeld dat het oordeel van de rechtbank over het niet in strijd zijn met het algemeen belang ontoereikend was gemotiveerd. Op grond daarvan vernietigt de Hoge Raad de beschikking en wijst de zaak terug naar de rechtbank Midden-Nederland voor een nieuwe behandeling en beslissing.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt beschikking rechtbank en wijst zaak terug voor herbehandeling wegens onvoldoende motivering over het algemeen belang bij beslag op auto met kilometerblokker.