Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaten van [eiser] hebben schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
13 maart 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond een geschil over de eigendom van een strook grond centraal, waarbij de verkrijgende verjaring volgens artikel 3:99 lid 1 BW Pro een belangrijke rol speelde. De zaak werd in eerste aanleg behandeld door de rechtbank Amsterdam, waarna het gerechtshof Amsterdam in twee arresten uitspraak deed. Eiser stelde cassatieberoep in tegen deze arresten.
De Hoge Raad heeft de klachten van eiser over de arresten van het hof beoordeeld, maar geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van de arresten. De Hoge Raad heeft daarbij geen motivering gegeven, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en eiser veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie, begroot op € 375 aan verschotten en € 2.200 aan salaris, vermeerderd met wettelijke rente indien niet tijdig voldaan. Het arrest is gewezen door de raadsheren Wattendorff, Lock en Teuben en in het openbaar uitgesproken door ter Heide.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en eiser wordt veroordeeld in de proceskosten.