Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van Mammoet heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
10 april 2026.
Hoge Raad
Mammoet Salvage B.V. heeft cassatieberoep ingesteld tegen het arrest van het gerechtshof Den Haag waarin werd geoordeeld over de immuniteit van jurisdictie van de Republiek Irak. De zaak betrof de weigering van de Iraakse marine om toestemming te verlenen aan Mammoet om schepen te verplaatsen buiten de Iraakse Marine Exclusive Zone.
De kern van het geschil was of de handelingen van Irak kwalificeerden als acta iure imperii (staatsrechtelijke handelingen) of acta iure gestionis (handelingen van commerciële aard). De rechtbank en het hof hadden eerder geoordeeld dat sprake was van immuniteit van jurisdictie.
De Hoge Raad heeft de klachten van Mammoet beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van het arrest van het hof. De Hoge Raad heeft geen motivering gegeven omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk was voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep verworpen en Mammoet veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie, begroot op € 14.229 aan verschotten en € 2.200 aan salaris.
Uitkomst: Het cassatieberoep van Mammoet wordt verworpen en de immuniteit van jurisdictie van Irak wordt bevestigd.