Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:666

Hoge Raad

Datum uitspraak
17 april 2026
Publicatiedatum
16 april 2026
Zaaknummer
25/01274
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Cassatie
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 6:162 BWArt. 10 EVRMArt. 8 EVRM
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoge Raad verwerpt cassatieberoep inzake aansprakelijkheid advocaat voor citaten in krantenartikel

In deze zaak stond de aansprakelijkheid van een letselschadeadvocaat centraal voor door een journalist verwerkte citaten in een krantenartikel over de schadeafwikkeling van een schietincident in Alphen aan den Rijn. Eisers, belangenbehartigers van slachtoffers, stelden dat de advocaat onrechtmatig had gehandeld. De zaak werd behandeld door de rechtbank Den Haag en het gerechtshof Den Haag, waarna eisers cassatieberoep instelden bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad heeft het cassatieberoep beoordeeld en geoordeeld dat de klachten tegen het arrest van het hof niet leiden tot vernietiging. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het hof te toetsen, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.

De Hoge Raad heeft het beroep verworpen en de eisers veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. De uitspraak bevestigt daarmee de aansprakelijkheidsbeoordeling van de lagere rechterlijke instanties en benadrukt de afweging tussen het recht op vrijheid van meningsuiting en het recht op bescherming van reputatie.

De uitspraak werd gedaan door de president en raadsheren van de Hoge Raad, en in het openbaar uitgesproken door raadsheer ter Heide op 17 april 2026.

Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt dat de advocaat niet aansprakelijk is voor de citaten in het krantenartikel.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/01274
Datum17 april 2026
ARREST
In de zaak van
1. [eiser 1],
wonende te [woonplaats],
2. CORPOCON LEGAL/LETSELSCHADECLAIM.NL B.V.,
gevestigd te Alphen aan den Rijn,
EISERS tot cassatie,
hierna: [eisers],
advocaat: J. den Hoed,
tegen
[verweerder],
wonende te [woonplaats],
VERWEERDER in cassatie,
hierna: [verweerder],
advocaat: V. Rörsch.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar:
a. de vonnissen in de zaak C/09/624250 / HA ZA 22-92 van de rechtbank Den Haag van 3 augustus 2022 en 21 december 2022;
b. het arrest in de zaak 200.325.145/01 van het gerechtshof Den Haag van 7 januari 2025.
[eisers] hebben tegen het arrest van het hof beroep in cassatie ingesteld.
[verweerder] heeft een verweerschrift tot verwerping ingediend.
De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.
De conclusie van de Advocaat-Generaal T. Hartlief strekt tot verwerping van het cassatieberoep.
De advocaat van [eisers] heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over het arrest van het hof beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van dat arrest. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad:
- verwerpt het beroep;
- veroordeelt [eisers] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van [verweerder] begroot op € 375,-- aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris, vermeerderd met de wettelijke rente over deze kosten indien [eisers] deze niet binnen veertien dagen na heden hebben voldaan.
Dit arrest is gewezen door de president G. de Groot als voorzitter en de raadsheren H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
17 april 2026.