Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep
3.Beslissing
21 april 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak stond de verdachte terecht voor doodslag gepleegd in 2022 in Best, waarbij hij na een ruzie voor een cafetaria meerdere malen met een scherp voorwerp in de borst en romp van het slachtoffer stak. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft de verdachte eerder veroordeeld.
De verdachte stelde cassatieberoep in tegen het arrest van het hof. De advocaat van de verdachte diende een schriftuur in. De procureur-generaal bij de Hoge Raad kreeg de gelegenheid om advies uit te brengen, maar bracht geen schriftelijk standpunt uit.
De Hoge Raad oordeelde dat het cassatieberoep duidelijk niet kan slagen en maakte gebruik van artikel 80a van de Wet op de rechterlijke organisatie om het beroep zonder verdere motivering niet-ontvankelijk te verklaren. Het arrest werd uitgesproken op 21 april 2026 door de strafkamer van de Hoge Raad.
Uitkomst: Het cassatieberoep van de verdachte is niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de veroordeling voor doodslag ongewijzigd blijft.