Uitspraak
1.Geding in cassatie
De Staatssecretaris, vertegenwoordigd door [P], heeft een verweerschrift ingediend.
2.Beoordeling van de klachten
De klachten in zoverre moeten kennelijk aldus worden begrepen dat het Hof heeft nagelaten deze klachten te behandelen.
a. een persoon die niet bij de voorbereiding van het bestreden besluit betrokken is geweest, of
i) Naar aanleiding van de op 4 februari 2016 ontvangen bezwaarschriften van belanghebbende heeft op 14 oktober 2016 een eerste bespreking plaatsgevonden tussen belanghebbende en vertegenwoordigers van de Belastingdienst, onder wie de ambtenaar die de bezwaarschriften in behandeling had, over onder meer de wijze waarop inkomsten en uitgaven in de boekhouding van belanghebbende waren verwerkt. Bij die bespreking is de controleambtenaar vanwege haar specifieke kennis van het dossier aanwezig geweest. De Inspecteur heeft gesteld dat dit gesprek heeft plaatsgevonden in de voorfase van de bezwaarfase en niet is aan te merken als een formeel hoorgesprek;
ii) Op verzoek van de ambtenaar die de bezwaarschriften behandelde, heeft de controleambtenaar de door belanghebbende tijdens de bezwaarfase overgelegde stukken beoordeeld;
iii) Voordat de ambtenaar die de bezwaarschriften behandelde, bij uitspraak op bezwaar heeft beslist, heeft de ambtenaar belanghebbende in de gelegenheid gesteld te worden gehoord als bedoeld in artikel 7:5, lid 1, Awb. Dat horen heeft op 13 oktober 2017 plaatsgevonden. Bij dat horen is behalve deze ambtenaar een andere ambtenaar aanwezig geweest die niet bij de voorbereiding van het opleggen van de naheffingsaanslagen betrokken is geweest. Tijdens dat horen was de controleambtenaar niet aanwezig;
iv) De uiteindelijke beslissing op de bezwaren is uitsluitend genomen door degene die de bezwaarschriften behandelde;
v) Op grond van de hiervoor vermelde omstandigheden is van schending van het verlenen van mandaat ingevolge artikel 10:3 Awb Pro geen sprake.
Belanghebbende heeft blijkens datzelfde proces-verbaal geen gebruik gemaakt van de hem door het Hof geboden mogelijkheid om te reageren indien hij het niet eens zou zijn met de inhoud van de hiervoor genoemde pleitnota van de Inspecteur.
Tot de stukken van het geding behoren verder de verslagen die zijn gemaakt van de hiervoor onder i) bedoelde eerste bespreking en van het hiervoor onder iii) bedoelde hoorgesprek, waarvan belanghebbende destijds afschriften heeft ontvangen.