Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:HR:2026:783

Hoge Raad

Datum uitspraak
22 mei 2026
Publicatiedatum
21 mei 2026
Zaaknummer
25/03779
Instantie
Hoge Raad
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Beschikking
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 81 lid 1 ROArt. 5:8 Wvggz
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwerping cassatieberoep tegen deelbeschikking rechtbank inzake medische verklaring Wvggz

Betrokkene heeft cassatieberoep ingesteld tegen een deelbeschikking van de rechtbank Den Haag van 23 juli 2025, waarin de rechtbank was uitgegaan van een medische verklaring in het kader van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz).

De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend. De Advocaat-Generaal heeft geconcludeerd dat het cassatieberoep moet worden verworpen. De Hoge Raad heeft de klachten van betrokkene beoordeeld en geoordeeld dat deze niet leiden tot vernietiging van de beschikking.

De Hoge Raad heeft geen nadere motivering gegeven omdat beantwoording van de klachten niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie. De beschikking is op 22 mei 2026 in het openbaar uitgesproken door raadsheer A.E.B. ter Heide.

Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de deelbeschikking van de rechtbank blijft in stand.

Uitspraak

HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer25/03779
Datum22 mei 2026
BESCHIKKING
In de zaak van
[betrokkene],
wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: betrokkene,
advocaat: D. Rijpma,
tegen
DE OFFICIER VAN JUSTITIE IN HET ARRONDISSEMENT DEN HAAG,
VERWEERDER in cassatie,
hierna: de officier van justitie,
niet verschenen.

1.Procesverloop

Voor het verloop van het geding in feitelijke instantie verwijst de Hoge Raad naar de (deel)beschikking in de zaak C/09/687794 / FA RK 25-4957 van de rechtbank Den Haag van 23 juli 2025.
Betrokkene heeft tegen de (deel)beschikking van de rechtbank beroep in cassatie ingesteld.
De officier van justitie heeft geen verweerschrift ingediend.
De conclusie van de Advocaat-Generaal B.J. Drijber strekt tot verwerping van het cassatieberoep.

2.Beoordeling van het middel

De Hoge Raad heeft de klachten over de beschikking van de rechtbank beoordeeld. De uitkomst hiervan is dat deze klachten niet kunnen leiden tot vernietiging van die beschikking. De Hoge Raad hoeft niet te motiveren waarom hij tot dit oordeel is gekomen. Bij de beoordeling van deze klachten is het namelijk niet nodig om antwoord te geven op vragen die van belang zijn voor de eenheid of de ontwikkeling van het recht (zie artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie).

3.Beslissing

De Hoge Raad verwerpt het beroep.
Deze beschikking is gegeven door de raadsheren F.J.P. Lock, als voorzitter, F.R. Salomons en K. Teuben, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer A.E.B. ter Heide op
22 mei 2026.