ECLI:NL:HR:2026:830
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt oordeel over indexeringspercentages bij WOZ-waardering
Belanghebbende stelde beroep in cassatie in tegen het oordeel van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden over de toepassing van indexeringspercentages op verkoopprijzen van vergelijkingsobjecten in het kader van de Wet waardering onroerende zaken (Wet WOZ).
Het Hof had geoordeeld dat deze indexeringspercentages niet onder de reikwijdte van artikel 40, lid 2, Wet WOZ vallen. De Hoge Raad verwijst naar een recent arrest (ECLI:NL:HR:2026:297) en bevestigt dat de klachten over dit oordeel niet tot cassatie kunnen leiden, mede omdat de stukken aantonen dat de indexeringspercentages in de bezwaarfase zijn verstrekt.
Daarnaast heeft de Hoge Raad ook de overige klachten beoordeeld en deze zonder nadere motivering verworpen, omdat beantwoording van de vragen niet noodzakelijk is voor de eenheid of ontwikkeling van het recht. De Hoge Raad ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en verklaart het beroep in cassatie ongegrond.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt ongegrond verklaard en het oordeel van het Hof bevestigd.