Uitspraak
1.Procesverloop in cassatie
2.Beoordeling van het cassatiemiddel
3.Ambtshalve beoordeling van de uitspraak van het hof
4.Beslissing
9 juni 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
De betrokkene stelde cassatie in tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 24 mei 2024, waarin een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel werd toegewezen. Het voordeel betrof opbrengsten uit de verkoop van hennepstekken, waarbij de vraag speelde of het volledige voordeel aan de betrokkene kon worden toegerekend in geval van meerdere daders.
De Hoge Raad heeft het cassatiemiddel beoordeeld en geoordeeld dat de klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het oordeel te geven, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 RO Pro.
Daarnaast constateerde de Hoge Raad dat de redelijke termijn voor de cassatiefase was overschreden, maar dit leidde niet tot een ander rechtsgevolg. De samenhangende strafzaak wordt terugverwezen naar het hof voor beoordeling van eventuele compensatie wegens termijnoverschrijding.
De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt daarmee het arrest van het hof 's-Hertogenbosch.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep en bevestigt de ontnemingsvordering van het hof.