Uitspraak
1.Procesverloop
De advocaat van Dexia heeft schriftelijk op die conclusie gereageerd.
2.Beoordeling van het middel
3.Beslissing
19 juni 2026.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Hoge Raad
In deze zaak heeft Dexia Nederland B.V. cassatieberoep ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 10 december 2024, waarin een geschil over een effectenleaseovereenkomst centraal stond. De kern van het geschil betrof de vraag of de consument bij het aangaan van de effectenleaseovereenkomst adequaat was geadviseerd door een tussenpersoon zonder vereiste vergunning, terwijl Dexia hiervan op de hoogte was of had moeten zijn.
De Hoge Raad heeft de klachten van Dexia over het arrest van het hof beoordeeld en geoordeeld dat deze klachten niet leiden tot vernietiging van het arrest. De Hoge Raad achtte het niet noodzakelijk om de motivering van het hof nader te toetsen, omdat de vragen niet van belang zijn voor de eenheid of ontwikkeling van het recht, conform artikel 81 lid 1 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie.
De Hoge Raad heeft het cassatieberoep van Dexia verworpen en Dexia veroordeeld in de kosten van het geding in cassatie. De uitspraak werd gedaan door de vicepresident M.V. Polak als voorzitter en de raadsheren F.J.P. Lock en F.R. Salomons, waarbij raadsheer F.R. Salomons het arrest in het openbaar uitsprak.
Uitkomst: De Hoge Raad verwerpt het cassatieberoep van Dexia en bevestigt het arrest van het hof.