Uitspraak
1.DE MINISTER VAN ALGEMENE ZAKEN, WETENSCHAP, INNOVATIE EN DUURZAME ONTWIKKELING,
DE GOUVERNEUR VAN ARUBA,
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Klager, werkzaam bij de Dienst Burgerlijke Stand en Bevolkingsregister en ter beschikking gesteld bij de Kustwacht, werd geschorst en vervolgens werd zijn terbeschikkingstelling beëindigd. Klager maakte bezwaar tegen deze beslissing en vorderde onder meer salarisbetaling en vernietiging van de beschikking. Verweerders stelden dat klager geen ambtenaar was in de zin van de Landsverordening ambtenarenrechtspraak en materieel ambtenarenrecht.
Het gerecht onderzocht of het bevoegd was om kennis te nemen van het bezwaar. Volgens de wet is de ambtenarenrechter alleen bevoegd als er sprake is van een aanstelling tot ambtenaar door het bevoegde gezag. Vastgesteld werd dat klager niet bij landsbesluit was aangesteld en dat er geen schriftelijke arbeidsovereenkomst was. Er was onvoldoende bewijs dat het bevoegde gezag de intentie had klager als ambtenaar aan te stellen of dat klager dit redelijkerwijs mocht aannemen.
Daarom oordeelde het gerecht dat geen aanstelling tot ambtenaar tot stand was gekomen en verklaarde zich onbevoegd kennis te nemen van het bezwaarschrift. Een kostenveroordeling werd niet uitgesproken. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen dertig dagen.
Uitkomst: Gerecht verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het bezwaarschrift wegens ontbreken aanstelling tot ambtenaar.