ECLI:NL:OGAACMB:2017:2

Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba

Datum uitspraak
16 januari 2017
Publicatiedatum
26 januari 2017
Zaaknummer
GAZA nr. 1780 van 2016
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4 LmaArt. 53 LmaArt. 89 LAArt. 97 LAArt. 98 LA
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vernietiging beschikking plaatsing ambtenaar wegens strijd met artikel 53 Lma

Klager, werkzaam als medewerker sportondersteuning bij IDEFRE, verzocht om plaatsing in een functie bij het nieuwe instituut IBiSA. Verweerder besloot op 24 juni 2016 klager niet te plaatsen in de gevraagde functie en over te plaatsen naar een passende functie elders binnen de overheid. Klager maakte bezwaar tegen deze beschikking en voerde aan dat verweerder niet het bevoegde gezag was en dat hij niet gehoord was, terwijl dit volgens artikel 53 Lma Pro vereist is.

Het gerecht oordeelde dat de beschikking van verweerder niet door het bevoegde gezag, te weten de Gouverneur, was genomen en dat daardoor de beschikking in strijd was met artikel 53, eerste lid, Lma. Daarnaast werd overwogen dat artikel 53 Lma Pro niet kan worden toegepast zonder dat duidelijk is in welke functie de ambtenaar wordt geplaatst, hetgeen in deze beschikking ontbrak.

Het bezwaar werd gegrond verklaard, de beschikking vernietigd en verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door ambtenarenrechter W.C.E. Winfield op 16 januari 2017. Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep binnen dertig dagen.

Uitkomst: Beschikking van 24 juni 2016 wordt vernietigd wegens strijd met artikel 53 Lma en ontbreken van bevoegd gezag en hoorprocedure.

Uitspraak

Uitspraak van 16 januari 2017
GAZA nr. 1780 van 2016
HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA
UITSPRAAK
op het bezwaar van:
[klager],
wonend in Aruba,
KLAGER,
gemachtigde: mr. L.A. Hernandis,
tegen:
de minister van Volksgezondheid, Ouderenzorg en Sport,
zetelend in Aruba,
VERWEERDER,
gemachtigde: mr. I.L. Ras Orman (DWJZ).

1.PROCESVERLOOP

In het kader van de overgang van het Instituto pa Deporte Educacion Fisico y Recreacion (IDEFRE) naar het Instituto Biba Saludabel y Activo (IBiSA) heeft klager, in de functie van medewerker sportondersteuning bij IDEFRE werkzaam, voor zover thans van belang, verzocht om plaatsing in de functie van hoofd algemene ondersteuning van IBiSA.
Bij beschikking van 24 juni 2016, aan klager uitgereikt op 29 juni 2016, heeft verweerder klager te kennen gegeven, zoals hierna onder 2.2 is vermeld.
Op 25 juli 2016 heeft klager daartegen bezwaar gemaakt.
Op 7 september 2016 heeft verweerder een contramemorie ingediend.
Het gerecht heeft de zaak ter zitting behandeld op 21 november 2016, waar klager, bijgestaan door voornoemde gemachtigde, en verweerder, vertegenwoordigd door voornoemde gemachtigde, zijn verschenen.
Uitspraak is bepaald op heden.

2.OVERWEGINGEN

2.1
Ingevolge artikel 4, van de Landsverordening materieel ambtenarenrecht (Lma), voor zover thans van belang, wordt voor de toepassing van deze landsverordening en de uit kracht daarvan gegeven voorschriften onder het bevoegde gezag de Gouverneur verstaan.
Ingevolge artikel 53, eerste lid, is, wanneer het belang van de dienst zulks vordert, de ambtenaar verplicht, al of niet in zijn dienstvak en al of niet op dezelfde standplaats, een andere betrekking of een andere werkkring te aanvaarden, welke hem in verband met zijn persoonlijkheid, zijn omstandigheden en de voor hem bestaande vooruitzichten redelijkerwijs kan worden opgedragen. Deze opdracht gaat uit van het bevoegde gezag.
Ingevolge het tweede lid wordt een andere betrekking of een andere werkkring hem, tenzij in spoedeisende gevallen, niet opgedragen dan nadat hij is gehoord.
2.2
Bij voormelde beschikking van 24 juni 2016 heeft verweerder klager als volgt bericht:
“Gezien het bovenstaande wordt geconcludeerd dat u niet heeft bewezen dat u aan de vereisten voldoet en dat uw tekortkomingen zodanig zwaarwegend zijn dat u niet geplaatst kan worden in bovengenoemde functie.(…)Gelet op het bovenstaande is er besloten om u niet te plaatsen in een functie bij het Instituto Biba Saludabel i Activo en u in een passende functie elders bij de overheid over te plaatsen.U wordt gesommeerd om zich bij het Departamento Recurso Humano te melden om via de vacaturelijst nar een passende functie te zoeken zodat het Departamento Recurso Humano kan bemiddelen voor een overplaatsing. Dit om te voorkomen dat u in de overtolligheidspool zal belanden.”
2.3
Klager betoogt dat de beschikking van verweerder van 24 juni 2016 gegeven is in strijd met artikel 53 Lma Pro. Daartoe voert hij aan dat verweerder niet het ter zake bevoegde gezag is en dat hij niet gehoord is, alvorens de beschikking werd gegeven, ondanks dat van een spoedeisend geval geen sprake was.
2.3.1
Gegeven de bewoordingen van de beschikking van 24 juni 2016 is deze door verweerder kennelijk bedoeld als een eerste stap van overplaatsing van klager naar een andere betrekking of een andere werkkring, zoals bedoeld in artikel 53 Lma Pro, welke bepaling verweerder aan de beschikking ten grondslag heeft gelegd. Nu deze beschikking niet door het ter zake bevoegde gezag, te weten de Gouverneur, is gegeven, komt deze reeds om deze reden wegens strijd met artikel 53, eerste lid, Lma voor vernietiging in aanmerking. Het bezwaar is reeds om deze reden gegrond. Hetgeen klager voor het overige heeft aangevoerd, behoeft dan ook geen bespreking. Het gerecht ziet evenwel aanleiding hierbij overigens te overwegen dat artikel 53 Lma Pro niet kan worden toegepast, zonder dat daarbij wordt bepaald in welke betrekking of werkkring betrokkene wordt geplaatst, zoals dat bij de beschikking van 24 juni 2016 is gebeurd.
2.4
Verweerder dient op na te melden wijze in de proceskosten te worden verwezen.

3.BESLISSING

De rechter in dit gerecht:
- verklaart het bezwaar gegrond;
- vernietigt de beschikking van verweerder van 24 juni 2016, kenmerk DRH/1347 Geh;
- veroordeelt verweerder tot betaling van de door klager gemaakte proceskosten, die
worden begroot op Afl. 1.000,- aan gemachtigdensalaris.
Deze uitspraak is gegeven door mr. W.C.E. Winfield, ambtenarenrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van maandag 16 januari 2017 in aanwezigheid van de griffier.
Ieder der partijen is bevoegd tegen een door het gerecht genomen met redenen omklede eindbeslissing als bedoeld in artikel 89, hoger beroep in te stellen (art. 97, eerste lid, LA).
Het hoger beroep wordt ingesteld binnen dertig dagen na de dag van de uitspraak, indien de appellant in persoon of bij vertegenwoordiger dan wel gemachtigde bij de uitspraak tegenwoordig is geweest, en in de andere gevallen binnen dertig dagen na de dag van toezending of terhandstelling van een afschrift van de uitspraak, welke dag bij toezending aan de voet van het afschrift en bij terhandstelling op het ontvangstbewijs wordt vermeld (art. 98, eerste lid, LA).
Het hoger beroep wordt ingesteld door een beroepschrift aan de raad in te zenden ter griffie van die raad te Oranjestad (art. 98, tweede lid, LA).