ECLI:NL:OGAACMB:2018:56
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voorziening bij voorraad tegen tijdelijke andere werkzaamheden ambtenaar
Verzoeker, directeur van een overheidsinstelling, werd door de minister conform artikel 52, lid 1, van de Landsverordening materieel ambtenarenrecht (Lma) opgedragen om tijdelijk andere werkzaamheden te verrichten. Dit gebeurde naar aanleiding van klachten over zijn functioneren die onderzocht moesten worden.
Verzoeker maakte bezwaar en diende een verzoek tot schorsing van deze beschikking in, stellende dat het een verkapte disciplinaire maatregel betrof en dat de werkzaamheden op directieniveau moesten blijven. Verweerder stelde dat de functie van beleidsmedewerker een hoog niveau betreft en dat de beslissing redelijk was gezien de klachten.
Het gerecht overwoog dat de minister een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het opleggen van tijdelijke andere werkzaamheden en dat niet snel kan worden gezegd dat deze onredelijk zijn. De door verweerder aangedragen klachten vormen een voldoende grondslag. Verzoeker bracht onvoldoende feiten aan om te stellen dat hem onevenredig nadeel werd toegebracht.
Daarom werd het verzoek tot het treffen van een voorziening bij voorraad afgewezen. De uitspraak is gegeven door rechter E.M.D. Angela op 2 juli 2018.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorziening bij voorraad tegen de tijdelijke opdracht tot andere werkzaamheden wordt afgewezen.