ECLI:NL:OGAACMB:2018:60
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.M. Martinez
- Rechtspraak.nl
Beoordeling intrekking waarneming Secretaris-Generaal en motiveringsvereiste
Klager was belast met de waarneming van de functie van Secretaris-Generaal bij het ministerie van Bestuur, Planning en Dienstverlening (BPD) en ontving een waarnemingstoelage. Na berichten over twijfel aan zijn integriteit en vermeende onregelmatigheden, ontzegde de minister hem de toegang tot overheidsgebouwen en werd de waarneming ingetrokken bij landsbesluit van 4 mei 2018.
Klager stelde dat de intrekking onrechtmatig was en dat de motivering onnodig grievend en mogelijk diffamerend was. Het Gerecht oordeelde dat de intrekking een discretionaire bevoegdheid is van de Regering en dat het besluit van een draagkrachtige motivering moest worden voorzien. De motivering in het besluit voldeed hieraan, waarbij werd gewezen op niet-conform handelen van klager en het niet naleven van procedures.
Het Gerecht verwierp het bezwaar van klager en oordeelde dat de intrekking en beëindiging van de waarnemingstoelage met terugwerkende kracht toegestaan waren. Klager had geen nadeel ondervonden omdat de toelage tot en met mei 2018 was uitbetaald en terugvordering niet werd geëist. Er was geen grond voor proceskostenveroordeling tegen de Regering.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de intrekking van de waarneming en beëindiging van de waarnemingstoelage wordt ongegrond verklaard.