Uitspraak
GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN CURAÇAO
[klager],
de Regering van Curaçao,
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
verklaarthet bezwaar tegen het schorsingsbesluit van 15 november 2018 on
gegrond.
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Klaagster, werkzaam als medewerker intake bij de Toelatingsorganisatie onder het Ministerie van Justitie, werd geschorst op grond van artikel 94 LMA Pro vanwege een lopend strafrechtelijk onderzoek waarin zij als verdachte werd aangemerkt. De schorsing werd opgelegd met inhouding van een derde van haar inkomen voor de duur van zes maanden.
Klaagster stelde dat het schorsingsbesluit niet deugdelijke motivering ontbeerde en niet volgens de juiste procedure tot stand was gekomen. Het Gerecht stelde vast dat het strafrechtelijk onderzoek al liep ten tijde van het schorsingsbesluit en dat klaagster hiervan op de hoogte was sinds 28 augustus 2017. Verweerster had klaagster vooraf in de gelegenheid gesteld zich te verweren tegen de voorgenomen schorsing.
Het Gerecht oordeelde dat het schorsingsbesluit voldoende gemotiveerd was en dat de procedure zorgvuldig was gevolgd. Er waren geen omstandigheden gesteld die op onredelijk handelen van verweerster duidden. Daarom bleef het schorsingsbesluit in stand en werd het bezwaar ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het schorsingsbesluit wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.