Uitspraak
1.Procesverloop
2.Feiten
3.Overwegingen
4.Beslissing
verklaarthet bezwaar
ongegrond.
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Een politieambtenaar werd disciplinair ontslagen wegens plichtsverzuim, waaronder het geven van onbevoegde opdrachten en het verstrekken van valse gegevens. Dit ontslag volgde op een strafrechtelijke veroordeling voor medeplichtigheid aan meineed en valsheid in geschrifte, waarbij een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf werd opgelegd.
Het Gerecht benadrukte dat het ambtenarentuchtrecht losstaat van het strafrecht en dat de uitkomst van de cassatieprocedure niet relevant is voor het disciplinaire traject. De vraag was of de ambtenaar verwijtbaar had gehandeld zoals in het ontslagbesluit gesteld, wat werd bevestigd op basis van verklaringen en processen-verbaal.
Een beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen wegens gebrek aan concrete onderbouwing. Het Gerecht concludeerde dat het disciplinaire ontslag terecht was opgelegd en verklaarde het bezwaar ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het bezwaar tegen het disciplinaire ontslag van de politieambtenaar wegens plichtsverzuim wordt ongegrond verklaard.