ECLI:NL:OGAACMB:2022:39
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot voorziening bij voorraad ter beschikkingstelling ambtenaar
Verzoeker, een ambtenaar, was tot 20 september 2021 ter beschikking gesteld aan het bureau van de minister belast met onderwijs. Na beëindiging van deze terbeschikkingstelling verzocht hij op 4 februari 2022 om hernieuwde terbeschikkingstelling. Tegen het uitblijven van een beslissing maakte hij bezwaar en verzocht het gerecht om een voorziening bij voorraad.
Het gerecht overwoog dat een voorziening bij voorraad alleen kan worden getroffen indien sprake is van een spoedeisend belang, zoals dreigend groot en onherstelbaar nadeel of onevenredig nadeel ten opzichte van het bestuursorgaan. Verzoeker ondervindt financieel nadeel doordat hij niet langer de aan de terbeschikkingstelling verbonden toelagen ontvangt, maar ontvangt hetzelfde salaris als voorheen in de overtolligheidspoel.
Het gerecht concludeerde dat het financiële nadeel onvoldoende spoedeisend is om een voorziening bij voorraad te rechtvaardigen. Het verzoek werd daarom afgewezen. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot het treffen van een voorziening bij voorraad wordt afgewezen wegens ontbreken van een spoedeisend belang.