ECLI:NL:OGAACMB:2023:25
Gerecht in Ambtenarenzaken van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- N.K. Engelbrecht
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot oplegging dwangsom wegens niet tijdig beslissing verblijfvergunning
Verzoekster, de Minister van Justitie, Veiligheid en Integratie, diende een verzoek in op grond van artikel 53 van Pro de Landsverordening administratieve rechtspraak (Lar) om verweerder te verplichten een dwangsom te betalen wegens het niet tijdig voldoen aan een eerdere uitspraak.
De eerdere uitspraak van 14 maart 2022 had verweerder opgedragen binnen drie maanden een reële beslissing te nemen op het bezwaar van verzoekster tegen de fictief afwijzende beslissing op haar aanvraag voor een tijdelijke verblijfvergunning.
Verweerder heeft op 2 augustus 2022 alsnog een vergunning tot tijdelijk verblijf verleend, waarmee aan de uitspraak was voldaan. Hierdoor was het verzoek om oplegging van een dwangsom niet meer relevant en werd het verzoek afgewezen.
Het gerecht veroordeelde verweerder wel tot betaling van de proceskosten van verzoekster, omdat de beslissing pas volgde nadat verzoekster het verzoek bij het gerecht had ingediend. De proceskosten werden begroot op Afl. 175,-.
De uitspraak werd gedaan door rechter N.K. Engelbrecht op 15 maart 2023 en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het verzoek tot oplegging van een dwangsom wordt afgewezen, maar verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten.