Klaagster, werkzaam als baliemedewerker bij het Bureau Interne Diensten, is sinds 12 mei 2020 langdurig arbeidsongeschikt met enkele onderbrekingen. Na het verstrijken van de maximale duur van vier jaar arbeidsongeschiktheid heeft verweerder haar medegedeeld dat zij eerst medisch gekeurd moet worden door de Geneeskundige Commissie voordat zij haar werkzaamheden kan hervatten.
Klaagster maakte bezwaar tegen deze brief en verzocht tevens om een voorlopige voorziening om haar werkzaamheden te mogen hervatten. Verweerder stelde dat de brief informatief was en geen beschikking vormde, en dat hij niet bevoegd was tot het opleggen van een ordemaatregel.
Het gerecht oordeelde dat de brief wel een beschikking is met concrete rechtsgevolgen, waardoor het bezwaar ontvankelijk is. Gelet op de wettelijke bepalingen in de Landsverordening vakantie en vrijstelling van dienst ambtenaren (Lvvda) mag klaagster haar werkzaamheden pas hervatten nadat de Geneeskundige Commissie haar geschikt heeft verklaard en een landsbesluit tot herstel in activiteit is genomen.
Omdat deze voorwaarden niet zijn vervuld, was de weigering tot werkhervatting terecht en bevoegd. Het bezwaar werd ongegrond verklaard en het verzoek tot voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.