Uitspraak
HET GERECHT IN AMBTENARENZAKEN VAN ARUBA
[Klager],
DE GOUVERNEUR VAN ARUBA,
INLEIDING
BEOORDELING
Afl. 750,- op te leggen.
18 mei 2023 ongeoorloofd afwezig is geweest, zich niet heeft gemeld bij de dienst noch bij de Sociale Verzekeringsbank (Svb), zich niet heeft gehouden aan het voor hem geldende dienstrooster en evenmin aan de regels van het CEA. Voorts wordt klager verweten dat hij zich in het verleden (vanaf 2012) meermalen schuldig heeft gemaakt aan plichtsverzuim, waarvoor hem diverse disciplinaire straffen zijn opgelegd, en dat hij zijn gedragingen desondanks heeft voortgezet en geen lering heeft getrokken uit de eerder opgelegde disciplinaire maatregelen. Volgens verweerder is klager goed op de hoogte van het voor hem geldende dienstrooster en van de wijze waarop dit moet worden gelezen dan wel geïnterpreteerd. In zijn verantwoording, waarin klager stelt dat hij zich had vergist en meende dat hij van 18 op 19 mei 2023 nachtdienst had in plaats van 17 op 18 mei 2023, ziet verweerder dan ook geen geloofwaardige verklaring. Verweerder ziet daarom geen aanleiding om af te zien van het opleggen van een disciplinaire straf. Klager heeft zich schuldig gemaakt aan plichtsverzuim door op 18 mei 2023 ongeoorloofd afwezig te zijn, zodat aanleiding bestaat hem disciplinair te straffen. Vanwege enkele onduidelijkheden in de rapporten van het CEA heeft verweerder besloten de op te leggen disciplinaire straf te matigen en deze te bepalen op een schriftelijke berisping.
CONCLUSIE
DE UITSPRAAK
mr. drs. A.A. Wever, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting op 12 januari 2026, in tegenwoordigheid van de griffier.
binnen 30 dagen:
- als de indiener van het hoger beroep of zijn gemachtigde bij de uitspraak aanwezig is geweest: binnen 30 dagen na de dag van de uitspraak;
- in de andere gevallen: binnen 30 dagen na de dag van de toezending of de terhandstelling van een afschrift van de uitspraak.
- het hoger beroepschrift indienen in tweevoud;
- een afschrift van deze uitspraak bijvoegen;
- vermelden waarom hij het niet eens is met de uitspraak (hoger beroepsgronden).