ECLI:NL:OGEAA:2010:BQ4467
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Veroordeling Arubaans politicus voor smaad wegens ongefundeerde pedofiliebeschuldigingen
De zaak betreft een Arubaans politicus die tijdens zijn ministerschap buitenparlementaire uitlatingen deed waarin hij een oppositielid beschuldigde van pedofilie. De dagvaarding werd als geldig beoordeeld en het gerecht was bevoegd en ontvankelijk om de zaak te behandelen. Tijdens de terechtzitting werd vastgesteld dat verdachte de smaad ten laste gelegde uitlatingen heeft gedaan, waarbij hij ongefundeerde geruchten verspreidde en de eer en goede naam van het slachtoffer aantastte.
Verdachte stelde dat hij de samenleving wilde waarschuwen voor het slachtoffer vanwege geruchten over pedofilie, maar kon geen feiten aandragen die deze beschuldigingen ondersteunden. Het gerecht verwierp dit verweer en oordeelde dat verdachte met opzet de eer van het slachtoffer aantastte. Hoewel verdachte een verklaring aflegde die binnen de vrijheid van meningsuiting valt, werden de overige uitlatingen als smaad gekwalificeerd.
De strafmaat werd bepaald op een gevangenisstraf van twee weken, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar, met de bijzondere voorwaarde dat verdachte zich tijdens deze periode onthoudt van verdere beschuldigingen over pedofilie jegens het slachtoffer. De vordering van het slachtoffer tot schadevergoeding werd niet-ontvankelijk verklaard vanwege onvoldoende bewijs van causaal verband. Verdachte werd vrijgesproken van overige ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken met een proeftijd van drie jaar wegens smaad.