ECLI:NL:OGEAA:2011:BQ6347
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige mishandeling en disproportioneel geweld bij aanhouding met immateriële schadevergoeding
Verzoeker werd op 6 maart 2010 aangehouden na een inbraak in de woning van een politie-inspecteur. Tijdens de aanhouding gebruikte de inspecteur disproportioneel geweld, waarbij verzoeker ernstig letsel opliep, waaronder het verlies van zes tanden. Het Gerecht stelde vast dat dit geweld onrechtmatig was en dat de emotie van de inspecteur geen rechtvaardiging bood.
Hoewel verzoeker terecht in voorlopige hechtenis zat, werd zijn verzoek tot materiële schadevergoeding wegens detentie afgewezen omdat hij geen inkomensverlies had aangetoond en de strafrechter al een straf had opgelegd. De materiële schade voor tandheelkundige kosten werd eveneens afgewezen vanwege het ontbreken van causaal verband en gedeeltelijke vergoeding door verzekering.
De verklaringen van getuigen en dossierstukken toonden tegenstrijdigheden, maar de verklaringen van verzoeker en enkele getuigen werden als geloofwaardig beoordeeld. Het Gerecht concludeerde dat de inspecteur eigenrichting pleegde en dat de mishandeling disproportioneel en onrechtmatig was.
Daarom werd aan verzoeker een immateriële schadevergoeding van Afl. 1500 toegekend wegens het opgelopen letsel en de traumatische ervaring. Verzoek tot proceskostenvergoeding werd afgewezen wegens gebrek aan wettelijke grondslag.
Uitkomst: Verzoeker krijgt immateriële schadevergoeding van Afl. 1500 wegens onrechtmatige mishandeling bij aanhouding.