ECLI:NL:OGEAA:2013:BZ4284
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gerechtelijke uitspraak over ontbinding en matiging boetebepaling in huurkoopwoning Aruba
Partijen sloten op 8 november 2002 een voorlopige huurkoopovereenkomst voor een woning te Aruba, waarbij de volledige koopsom uiterlijk eind 2006 betaald moest zijn. [Opposant] kwam betalingsachterstanden op de maandelijkse termijnen te hebben en betaalde niet de volledige koopsom. [Geopposeerden] ontbonden de overeenkomst bij brief van 4 juni 2009 en vorderden betaling van de contractuele boete van 50% van de koopsom.
In de verstekprocedure werden de vorderingen van [geopposeerden] toegewezen, maar [opposant] stelde verzet in en voerde aan dat hij als huurder beschermd was en dat de boete onaanvaardbaar hoog was. Het gerecht oordeelde dat [opposant] een betalingsachterstand van Afl. 13.912,79 had en dat de ontbinding rechtsgeldig was omdat hij toerekenbaar tekort was geschoten.
Hoewel de overeenkomst ontbonden was, bleef de boetebepaling van kracht. Het gerecht matigde de boete van 50% (Afl. 115.825,25) naar 5% van de koopsom (Afl. 11.582,52) vanwege de wanverhouding tussen de boete en de daadwerkelijke schade en de billijkheid. De totale betaling werd vastgesteld op Afl. 25.495,31 plus wettelijke rente over de achterstand. De ontruimingsvordering werd afgewezen omdat de woning inmiddels was ontruimd en het belang was komen te vervallen.
Uitkomst: De overeenkomst is rechtsgeldig ontbonden en de boete wordt gematigd tot 5% van de koopsom, met een betalingsveroordeling van Afl. 25.495,31 plus rente.