ECLI:NL:OGEAA:2015:164

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
1 juli 2015
Publicatiedatum
6 juli 2015
Zaaknummer
A.R. 323 van 2015
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • W.J. Noordhuizen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 555 RvArt. 556 RvArt. 557 RvArt. 444 Rv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ontbinding huurovereenkomst en ontruiming wegens huurachterstand

FCCA heeft met G* een huurovereenkomst gesloten voor woonruimte. G* is in gebreke gebleven met het tijdig betalen van de huur, waardoor FCCA een verklaring voor recht vordert dat de huurovereenkomst is ontbonden en ontruiming van het gehuurde.

De vordering is niet inhoudelijk betwist en het gerecht oordeelt dat de huurovereenkomst nog niet buitengerechtelijk is ontbonden, maar zal dit alsnog doen. De rechter wijst erop dat ontruiming uitsluitend door de deurwaarder mag worden uitgevoerd, waarbij de deurwaarder ook politiehulp kan inschakelen zonder rechterlijke machtiging.

Het gerecht ontbindt de huurovereenkomst, veroordeelt G* tot betaling van de achterstallige huur van Afl. 6.471,93, vermeerderd met 15% incassokosten en Afl. 973 per maand huur na 31 december 2014, met wettelijke rente vanaf 18 februari 2015. Tevens worden de proceskosten aan G* opgelegd en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en G* veroordeeld tot betaling van achterstallige huur, incassokosten, wettelijke rente en ontruiming van de woning.

Uitspraak

Vonnis van 1 juli 2015
Behorend bij A.R. 323 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de rechtspersoon
FUNDACION CAS PA COMMUNIDAD ARUBANO,
te Aruba,
hierna ook te noemen: FCCA,
gemachtigde: advocaat mr. W.G.T.M. Kloes,
tegen:
G*,
te Aruba,
hierna ook te noemen: G*,
procederend in persoon.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- de conclusie van antwoord;
- de aantekeningen van de zitting van 1 juni 2015.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
FCCA heeft met G* een huurovereenkomst gesloten met betrekking tot woonruimte.
2.2
G* is (opnieuw of nog steeds) achter met tijdige betaling van de huur.

3.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

3.1
FCCA vordert een verklaring voor recht dat de huurovereenkomst is ontbonden, althans deze te ontbinden en – uitvoerbaar bij voorraad – ontruiming van het (voorheen) gehuurde met veroordeling van G* tot betaling van Afl. 6.471.93 aan achterstallige huur tot 31 december 2014, te vermeerderen met Afl. 973, voor elke maand dat G* de woning nadien zal hebben gebruikt, te vermeerderen met 15% buitengerechtelijke incassokosten en te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 18 februari 2015 en met veroordeling van G* c.s. tot vergoeding van de proceskosten.
3.2
FCCA grondt de vordering erop dat G* toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de uit de huurovereenkomst voortvloeiende betalingsverplichting en met de nakoming van de uit de vaststellingsovereenkomst voortvloeiende betalingsverplichting.
4. DE BEOORDELING
4.1.
De vordering is niet inhoudelijk weersproken en komt, met inachtneming van het navolgende, voor toewijzing in aanmerking.
4.2.
De huurovereenkomst is nog niet buitengerechtelijk ontbonden. In de overgelegde brief van 14 november 2014 wordt de vordering daartoe aangekondigd maar wordt nog niet daadwerkelijk ontbonden. Het gerecht zal daartoe alsnog overgaan.
4.3.
Uit het eerste lid van artikel 556 Rv Pro. volgt dat FCCA de ontruiming niet zelf ter hand mag nemen, en dat gedwongen ontruiming het exclusieve terrein is van de deurwaarder. FCCA heeft voldoende aan dit vonnis om de deurwaarder te mogen inschakelen als G* niet vrijwillig tot nakoming van de uit dit vonnis voortvloeiende verplichting tot ontruiming overgaat. In het licht daarvan heeft FCCA dus geen machtiging nodig om de ontruiming zelf te doen bewerkstelligen. Voorwaarde is dat het ontruimingsvonnis door de deurwaarder aan G* wordt betekend, en dat aan G* overeenkomstig het bepaalde in artikel 555 Rv Pro. bevel wordt gedaan om binnen drie dagen te ontruimen. De deurwaarder op zijn beurt behoeft geen rechterlijke machtiging om bevoegd te zijn de hulp van de sterke arm van politie en justitie in te roepen indien G* medewerking aan de ontruiming weigert. Die bevoegdheid ontleent de deurwaarder immers rechtstreeks aan artikel 557 Rv Pro., waarin artikel 444 Rv Pro. van overeenkomstige toepassing wordt verklaard. Voorziet de deurwaarder problemen, dan kan hij op voet van (strekking en geest van) de Algemene Politieverordening – zonder dat daartoe rechterlijke machtiging nodig is – bijstand van de politie inroepen. In het licht van voorgaande heeft FCCA geen belang bij de verzochte machtiging.

5.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
ontbindt de huurovereenkomst;
veroordeelt G* tot betaling aan FCCA van een bedrag van Afl. 6.471,93, te vermeerderen met 15% buitengerechtelijke incassokosten en te vermeerderen met Afl. 973, per maand vanaf 1 januari 2015 voor elke maand dat G* de woning (heeft) gebruikt tot de dag waarop deze is of zal zijn ontruimd, te vermeerderen met de wettelijke rente, steeds over het saldo van de dan openstaande hoofdsom vanaf 18 februari 2015 tot de dag waarop volledig zal zijn betaald;
veroordeelt G* c.s. in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van FCCA worden begroot op Afl. 1.350, aan griffierecht, Afl. 386,45 aan explootkosten en Afl. 1.800, aan salaris van de gemachtigde;
verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 1 juli 2015 in aanwezigheid van de griffier.