ECLI:NL:OGEAA:2015:188
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A.H.M. van de Leur
- Rechtspraak.nl
Afwijzing spoedeisend verzoek SMOA tegen ministeriële toelatingseisen HAVO-4
De Stichting Middelbaar Onderwijs Aruba (SMOA) vorderde in kort geding dat het Land Aruba werd bevolen de ministeriële beschikking van 8 juli 2015, waarin toelatingseisen voor MAVO-afgestudeerden tot de vierde klas van de HAVO werden vastgesteld, buiten toepassing te laten. SMOA stelde dat deze eisen zonder overgangsperiode direct van toepassing waren voor het schooljaar 2015-2016, terwijl Colegio Arubano, vallend onder SMOA, de toelating al had afgerond.
Het Land voerde verweer dat de ministeriële eisen feitelijk niet afweken van de eisen van het voorgaande schooljaar, terwijl SMOA zelf voor het schooljaar 2015-2016 zwaardere eisen had gesteld. SMOA kon niet stellig aantonen hoeveel MAVO-afgestudeerden hierdoor buiten de boot zouden vallen, en onderbouwde niet dat de HAVO-4 klassen reeds vol zaten.
Het Gerecht oordeelde dat SMOA niet aannemelijk had gemaakt dat zij een spoedeisend belang had en dat zij in redelijkheid een bodemprocedure kon afwachten. Ook werd meegewogen dat het Land en de belangen van niet-toegelaten MAVO-afgestudeerden zwaarder wogen. SMOA werd veroordeeld in de proceskosten. Het Gerecht gaf tevens aan dat het Land de bevoegdheid heeft om de toelatingseisen wettelijk vast te stellen en dat de bevoegdheid van SMOA om zelf zwaardere eisen te stellen twijfelachtig is.
Uitkomst: Het Gerecht wijst het verzoek van SMOA af en veroordeelt haar in de proceskosten.