ECLI:NL:OGEAA:2015:275

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
26 augustus 2015
Publicatiedatum
9 september 2015
Zaaknummer
A.R. 1720 van 2014
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vonnis tot betaling lening met rente en incassokosten door gedaagden

De naamloze vennootschap Caribbean Mercantile Bank N.V. vordert betaling van een lening verstrekt aan gedaagde sub 1, met gedaagde sub 2 als borg. Eiseres vordert betaling van Afl. 27.734,25, vermeerderd met rente en 15% incassokosten. Gedaagden erkennen schuld maar betwisten de hoogte en wijzen op financiële moeilijkheden en vermeende woekerrente.

De rechtbank oordeelt dat gedaagden niet kunnen ontkomen aan de overeengekomen rente en incassokosten, die contractueel zijn vastgelegd en niet onredelijk hoog zijn. Eiseres heeft haar vordering verminderd met reeds gedane betalingen, maar incassokosten blijken deels te zijn overschreden door inhoudingen op betalingen.

De rechtbank houdt rekening met de juiste hoogte van incassokosten en reeds gedane betalingen tot 23 januari 2015, en veroordeelt gedaagden tot betaling van het restantbedrag, vermeerderd met rente en incassokosten, en in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.

Uitkomst: Gedaagden worden veroordeeld tot betaling van de lening met rente en incassokosten, verminderd met reeds gedane betalingen.

Uitspraak

Vonnis van 26 augustus 2015
Behorend bij A.R. 1720 van 2014
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in de zaak van:
de naamloze vennootschap
Caribbean Mercantile Bank N.V.,
gevestigd te Aruba,
eiseres,
gemachtigde: advocaat mr. E.E. Rosenstand,
tegen:

1.Gedaagde 1, en

2.Gedaagde 2,
beiden wonende te Cuquisastraat 22 Aruba,
gedaagden,
procederend in persoon.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het verzoekschrift;
- de conclusie van antwoord;
- de conclusie van repliek;
- de conclusie van dupliek;
- de akte uitlating producties.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis.

2.DE STANDPUNTEN VAN PARTIJEN

2.1
Eiseres vordert, na vermindering van eis, veroordeling van gedaagden bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad tot betaling van Afl. 27.734,25, te vermeerderen met de overeengekomen rente en 15% contractueel overeengekomen buitengerechtelijke incassokosten, kosten rechtens.
2.2
Eiseres baseert haar vordering op aan gedaagde sub 1 verstrekt krediet (uit hoofde van een lening en ter beschikking gestelde krediet kaarten), waarvoor gedaagde sub 2 zich als borg heeft verbonden. Zij voert aan dat haar vordering opeisbaar is, gedaagden op 6 april 2011 in gebreke zijn gesteld en dat gedaagden in verzuim zijn.
2.3
Gedaagden voeren hiertegen verweer. Zij zijn door een aantal omstandigheden in financiële moeilijkheden geraakt. Zij waren niet op de hoogte dat de rente 16% bedroeg en de buitengerechtelijke incassokosten 15%. Zij achten dit een wurgcontract en woekerrente. Zij geven aan maandelijks Afl. 500,-- af te lossen. Eiseres heeft niet alle betalingen verwerkt.

3.DE BEOORDELING

3.1
Gedaagden betwisten niet dat zij eiseres nog geld zijn verschuldigd. Zij betwisten de hoogte daarvan. Dat gedaagden niet op de hoogte waren van de verschuldigdheid van buitengerechtelijke kosten van 15% en van het gehanteerde rentepercentage, blijft voor hun rekening. Genoemde 15% is opgenomen in de voorwaarden zoals geparafeerd door gedaagde sub 1. De rente is verwerkt in de geleende som en in de annuïtaire maandtermijnen, hetgeen staat vermeld in de door gedaagde sub 1 getekende offerte. Het feitelijk toegepaste percentage is daaruit weliswaar niet direct kenbaar voor gedaagde, en is hoog, maar niet bovenmatig, en het geheel was voor hem kennelijk acceptabel.
3.2
Bij akte heeft eiseres haar vordering verminderd met zeven betalingen door gedaagde. Gedaagde betaalt met enige regelmaat Afl. 500,--, maar slechts Afl. 369,55 strekt tot mindering van de hoofdsom. Eiseres heeft bij conclusie van repliek uitgelegd dat de deurwaarder Afl. 130,45 inhoudt aan incassokosten. Dit is ongeveer 26% van elke betaling. Het gerecht merkt op dat, indien dit zo doorgaat, de maximaal overeengekomen 15% voor incassokosten ruimschoots overschreden gaat worden. Er is derhalve tot aan het nemen van de akte d.d. 22 april 2015 Afl. 2.609,-- aan incassokosten geïnd. Oorspronkelijk gevorderd is echter 15% over Afl. 30.321,10, dus: Afl. 4.548,17. Eiseres zal derhalve nog slechts Afl. 1.939,17 aan incassokosten mogen claimen. In het dictum zal daarmee rekening worden gehouden.
3.3
In de akte is bovendien rekening gehouden met betalingen door gedaagden tot en met 23 januari 2015. Voor zich spreekt dat latere betalingen door gedaagden eveneens in mindering dienen te worden gebracht op het verschuldigde. Ook dat zal in het dictum tot uitdrukking worden gebracht.
3.4
Gedaagden zullen als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure aan de zijde van eiseres.

4.DE UITSPRAAK

De rechter in dit gerecht:
veroordeelt gedaagden tot betaling aan eiseres van Afl. 27.734,25, te vermeerderen met de overeengekomen rente en te vermeerderen met Afl. 1.939,17 aan incassokosten, en te verminderen met eventuele betalingen zijdens gedaagden sinds 23 januari 2015;
veroordeelt gedaagden in de kosten van de procedure, die tot de datum van uitspraak aan de kant van eiseres worden begroot op Afl. 750,-- aan griffierecht, Afl. 214,-- aan explootkosten en Afl. 1.800,-- aan salaris van de gemachtigde;
verklaart de veroordelingen in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P.A.H. Lemaire, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 26 augustus 2015 in aanwezigheid van de griffier.