ECLI:NL:OGEAA:2015:440

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
21 oktober 2015
Publicatiedatum
2 november 2015
Zaaknummer
A.R. 379 van 2015
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • W.J. Noordhuizen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287 Wetboek van Burgerlijke RechtsvorderingArt. 290 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering
Verwijzingen
2 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot schorsing executoriale kracht vonnis bij derdenverzet

X heeft bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba een incident tot schorsing van de executoriale kracht van een vonnis ingediend, waartegen derdenverzet was ingesteld. Het vonnis betrof een veroordeling van Mantbraca Corporation N.V. tot betaling aan Arcope.

De procedure omvatte de incidentele vordering van X, de conclusies van antwoord van Mantbraca en Arcope, en een verwijzing naar de rol voor vonnis. De feiten betreffen eerdere vonnissen waarbij Mantbraca tot betaling was veroordeeld, en het derdenverzet van X tegen het vonnis van 28 januari 2015.

De rechter oordeelde dat schorsing van een vonnis waartegen derdenverzet is ingesteld ook mogelijk is als het vonnis in kracht van gewijsde is gegaan, maar wees het verzoek af wegens onvoldoende onderbouwing. X werd veroordeeld in de proceskosten van Mantbraca en Arcope. De hoofdzaak werd verwezen naar een rolzitting voor verdere behandeling.

Het vonnis werd uitgesproken op 21 oktober 2015 door rechter W.J. Noordhuizen tijdens een openbare terechtzitting.

Uitkomst: Het verzoek tot schorsing van de executoriale kracht van het vonnis wordt afgewezen en X wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

Vonnis van 21 oktober 2015
Behorend bij A.R. 379 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
VONNIS
in het incident tot schorsing van de executoriale kracht van een vonnis waartegen derdenverzet is ingesteld:
X,
te Aruba,
hierna ook te noemen: X,
gemachtigde: de advocaat mr. M.B. Boyce,
tegen:
de naamloze vennootschap
MANTBRACA CORPORATION N.V.,
te Aruba,
hierna ook te noemen: Mantbraca,
gemachtigde: de advocaat mr. Z.T.M. Arendsz-Marchena,
en
de rechtspersoon naar buitenlands recht
SOCIEDAD INVERSION Y GESTION ARCOPE S.L.U.
woonplaats gekozen hebbend te Aruba,
hierna ook te noemen: Arcope,
gemachtigde: mr. H.G. Figaroa.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de incidentele vordering van X;
- de conclusie van antwoord in het incident van Mantbraca,
- de conclusie van antwoord in het incident van Arcope.
De zaak is daarna verwezen naar de rol voor vonnis in het incident.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1
Bij beschikking van 9 december 2014 is Mantbraca uitvoerbaar bij voorraad – veroordeeld om aan X een bedrag van Afl. 35.102,28 te betalen, te vermeerderen met de wettelijke verhoging, de wettelijke rente, 13,85 nog niet uitbetaalde vakantiedagen en proceskosten.
2.2
Bij vonnis van 28 januari 2015 is Mantbraca uitvoerbaar bij voorraad veroordeeld om aan Arcope te betalen een bedrag van US$ 2.410.165,, te vermeerderen met de overeengekomen rente, boete en proceskosten.
2.3
Bij verzoekschrift, ingekomen op 25 februari 2015 heeft X derdenverzet als bedoeld in artikel 287 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering aangetekend tegen het vonnis van 28 januari 2015.

3.HET VERZOEK

3.1
X vordert op voet van artikel 290 Wetboek Pro van Burgerlijke Rechtsvordering incidenteel schorsing van het vonnis van 28 januari 2015 totdat in de hoofdzaak op het verzet zal zijn geoordeeld.
3.2
Mantbraca en Arcope verzetten zich daartegen

4.DE BEOORDELING

4.1.
Anders dan Mantbraca en Arcope aanvoeren is toewijzing van een verzoek tot schorsing van de uitvoering van een vonnis waartegen derdenverzet is aangetekend ook mogelijk als het desbetreffende vonnis in kracht van gewijsde is gegaan.
4.2.
De vordering wordt niettemin afgewezen omdat niet is toegelicht waarom de uitvoering van het desbetreffende vonnis moet worden geschorst.
4.3.
Als de in het ongelijk te stellen partij zal X de proceskosten van Mantbraca en Arcope in dit incident moeten vergoeden.
4.4.
In de hoofdzaak hebben zowel Mantbraca als Arcope op de algemene rol van 9 september 2015 geantwoord. Het gerecht is van oordeel dat een comparitie van partijen in deze zaak op dit moment geen redelijk doel dient. De hoofdzaak zal daarom worden verwezen naar de rolzitting van 18 november 2015 voor conclusie van repliek zijdens X.

5.DE UITSPRAAK:

De rechter in dit gerecht:
in het incident:
wijst het verzoek af;
veroordeelt X in de kosten van dit incident, die tot de datum van uitspraak aan de kant van Mantbraca en Arcope voor ieder van hen worden begroot op Afl. 900, aan salaris van de gemachtigde;
in de hoofdzaak:
verwijst de zaak naar de rolzitting van woensdag 18 november 2015 voor conclusie van repliek;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. W.J. Noordhuizen, rechter in dit gerecht, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van woensdag 21 oktober 2015 in aanwezigheid van de griffier.