Uitspraak
1.DE PROCEDURE
2.HET VERZOEK
3.DE BEOORDELING
AWG 18.173,10, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 22 april 2015 tot de dag der voldoening;
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Verzoekster heeft vijftien jaar bij de stichting gewerkt en stelt dat haar arbeidsovereenkomst op 31 mei 2015 rechtsgeldig is beëindigd, maar dat de opzegging kennelijk onredelijk was en het loon over de opzegtermijn niet is betaald.
De stichting heeft geen verweer gevoerd. De rechter stelt vast dat de opzegtermijn van vier maanden correct is toegepast, maar dat het loon over deze periode niet is voldaan. Verzoekster ontvangt daarom het achterstallig loon van AWG 20.596,18.
Daarnaast wordt de cessantia-uitkering van AWG 18.173,10 toegekend met wettelijke rente vanaf de dag van verzuim. Gelet op de omstandigheden, waaronder de lange diensttijd en de leeftijd van verzoekster, acht de rechter een billijke schadevergoeding van AWG 15.000 passend.
De stichting wordt veroordeeld tot betaling van deze bedragen en de proceskosten. De verklaring voor recht dat de opzegging onregelmatig was wordt afgewezen wegens gebrek aan belang.
Uitkomst: De stichting wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, cessantia-uitkering, een billijke schadevergoeding en proceskosten.