Vrijdag webinar: live demo van Lexboost

ECLI:NL:OGEAA:2015:55

Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba

Datum uitspraak
28 mei 2015
Publicatiedatum
5 juni 2015
Zaaknummer
E.J. nr. 673 van 2015
Instantie
Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vermeende wilde staking en bedreiging

De zaak betreft een verzoek van Compania Arubiano di Bus N.V. (Arubus) tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een buschauffeur wegens vermeende wilde staking en bedreiging van de directeur op 3 oktober 2014.

Arubus stelde dat de werknemer actief deelnam aan een wilde en onrechtmatige staking, de ingang van het bedrijf blokkeerde met een auto en de directeur tweemaal bedreigde. De werknemer ontkende de bedreigingen en voerde aan dat het een door de vakbond georganiseerde staking betrof, waarbij de openbare dienstverlening niet volledig was stilgelegd.

De rechter oordeelde dat onvoldoende bewijs was geleverd voor de wilde staking en de bedreigingen. Er was geen sprake van dringende reden of gewijzigde omstandigheden die ontbinding rechtvaardigen. Het verzoek tot ontbinding werd daarom afgewezen en Arubus werd veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: Het verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs voor wilde staking en bedreiging.

Uitspraak

Beschikking van 28 mei 2015
Behorend bij E.J. nr. 673 van 2015
GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN ARUBA
BESCHIKKING
in de zaak van:
de naamloze vennootschap Compania Arubiano di Bus N.V.
gevestigd te Aruba,
VERZOEKSTER,
verder te noemen: Arubus,
gemachtigde: de advocaat mr. L.J. Pieters,
tegen
[VERWEERDER]
wonende te Aruba,
VERWEERDER,
verder te noemen: [verweerder] ,
gemachtigde: de advocaat mr. E. Duijneveld.

1.DE PROCEDURE

Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het op 2 april 2015 ingediende verzoekschrift met producties;
- een faxbericht houdende producties d.d. 28 april 2015 van de zijde van Arubus;
- faxberichten houdende producties van 28 april 2015 van de zijde van [verweerder] ;
- de aantekeningen van de behandeling ter terechtzitting van 30 april 2015;
Hierna is uitspraak bepaald op heden.

2.DE VASTSTAANDE FEITEN

2.1 [
verweerder] werkt als buschauffeur voor Arubus.
2.2
Op 3 oktober 2014 heeft er een werkonderbreking plaatsgevonden bij Arubus waaraan sommige maar niet alle buschauffeurs van Arubus hebben meegedaan.
2.3
Bij brief van 9 oktober 2014 heeft Arubus aan [verweerder] kenbaar gemaakt dat er een ontbindingsverzoek zal worden ingediend.
2.4
Arubus heeft eerder disciplinaire maatregelen jegens [verweerder] getroffen.

3.HET VERZOEK EN HET VERWEER

3.1
Arubus heeft het gerecht verzocht om bij beschikking, uitvoerbaar bij voorraad, de arbeidsovereenkomst met [Verweerder] , te ontbinden wegens gewichtige redenen, zonder toekenning van een vergoeding en met veroordeling [verweerder] in de kosten van de procedure.
3.2
Arubus heeft haar verzoek onderbouwd met de stelling dat [verweerder] op 3 oktober 2014 actief heeft meegedaan aan een wilde en onrechtmatige staking bij Arubus, waarbij hij heeft geweigerd de bedongen arbeid te verrichten en waarbij hij met een personenauto de ingang van Arubus heeft geblokkeerd en die op verzoek niet heeft willen weghalen. Daarenboven heeft [verweerder] die ochtend de directeur van Arubus tot twee maal toe bedreigd. Op grond van bovengenoemde en de eerdere maatregelen is sprake van gewichtige redenen die een ontbinding rechtvaardigen, aldus Arubus.
3.3 [
verweerder] heeft verweer gevoerd en verzocht het verzoek van Arubus af te wijzen, met veroordeling van Arubus is de kosten van de procedure.
[verweerder] heeft aangevoerd dat het niet een wilde staking betrof maar een door de vakbond georganiseerde staking. De [shopsteward] en [het lid] van de vakbond, waren er bij betrokken en waren ook aanwezig. Verder heeft [verweerder] aangevoerd dat het openbaar vervoer die dag door de actie niet heeft platgelegen. De achteringang van Arubus werd immers binnen een aantal minuten nadat de auto de ingang van Arubus had versperd geopend waardoor er weer verkeer mogelijk was. De politie heeft om die reden dan ook niet ingegrepen op 3 oktober.
3.3.1 [
verweerder] heeft voorts ontkend de directeur te hebben bedreigd.
3.4
Geoordeeld wordt dat, gelet op het gemotiveerde verweer, niet, althans onvoldoende, is gebleken van een (wilde) onrechtmatige staking bij Arubus op 3 oktober 2014. Ook van de bedreigingen jegens haar directeur, die Arubus [verweerder] toedicht, bij hetgeen op 3 oktober is voorgevallen is niet, dan wel onvoldoende, gebleken. Van een dringende reden of gewijzigde omstandigheden is dan ook geen sprake.
3.5
De conclusie is dat het verzoek moet worden afgewezen nu niet van een grond voor de verzochte ontbinding is gebleken.
3.6
Als de meest in het ongelijk te stellen partij moet Arubus worden veroordeeld in de kosten van de procedure gevallen aan de zijde [verweerder] en te begroten op het salaris van de gemachtigde.
4.DE UITSPRAAK
De rechter in dit gerecht:
4.1
wijst het verzoek af;
4.2
veroordeelt Arubus in de proceskosten gevallen aan de zijde [verweerder] en te begroten op een bedrag van Afl. 1.800,- aan salaris gemachtigde.
Deze beschikking is gegeven door mr. H. Mol, rechter, en werd uitgesproken ter openbare terechtzitting van 28 mei 2015 in aanwezigheid van de griffier.